Verdwenen glans

Zaterdagavond. In plaats van patat eten we deze avond eens een keer chinees. In het buurdorp iets verderop is het komen en gaan van mensen bij het chinese restaurant. Het pand ziet er een beetje sjofel uit. Van de 7 lampen branden er 6. Nr 5 vanaf links heeft de brui eraan gegeven.

De ramen zijn al een poos niet gelapt en het goudkleurige plakband op de ramen heeft zijn beste tijd gehad. De bovenste rij leisteentjes die de muur scheiden van het platte dak zakken langzaam over de rij eronder. Ik zie dat er nog steeds 2 vissen zwemmen in het aquarium.

Terwijl dochter binnen wacht op onze bestelling is het een komen en gaan van mensen die blijkbaar wel zo slim waren om eerst telefonisch te bestellen. Buiten staat een man een sigaret te roken en heeft een gesprek met een dame die haar mondkapje vergeten is en dus maarin de buitenlucht wacht totdat ze haar witte plastic tasje met inhoud mee kan nemen naar huis.

Natuurlijk gaat het over corona. Dat het gewoon griep is en dat je straks op het strand moet liggen met een mondkapje. Maar dat we er maar mee moeten leren leven. Dat het nooit weer zo wordt als het was. En ik bedenk me dat dat ook geldt voor het restaurant. Vroeger was de chinees een uitje. Dan ging je echt uit eten !

De wamhoudingen op tafel, het pilsje van de tap, de lange plakken kroepoek. Ongetwijfeld zat toen het gouden plakband nog loodrecht en onbeschadigd op het raam, deden alle lampen het en waren de ramen blinkend schoon. Het eten is nog steeds goed maar de sjeu is er een beetje af.

En dat geldt ook voor ons dagelijks leven in deze pandemie. Het is voor de meesten nog prima te doen maar de glans is er wel verdwenen op dit moment.

Zeg het maar !